Nederlandse cultuursector pleit voor Europese tech-onafhankelijkheid van VS
Tijdens het Paradisodebat in Amsterdam is een breed gedragen wens geuit om de afhankelijkheid van Amerikaanse technologiebedrijven te verminderen.

De 25ste editie van het Paradisodebat, dat jaarlijks het culturele seizoen aftrapt in Amsterdam, heeft geleid tot een opvallende consensus: de Europese cultuursector en de bijbehorende politiek moeten zich minder afhankelijk maken van de grote Amerikaanse technologiebedrijven. Makers, media en beleidsmakers deelden hun zorgen over de dominante positie van 'Big Tech' en de implicaties daarvan voor het culturele landschap, met name in relatie tot kunstmatige intelligentie (AI).
De discussie spitste zich toe op de noodzaak om een eigen Europese weg in te slaan, weg van de huidige technologie-afhankelijkheid. Deelnemers benadrukten dat het cruciaal is om de controle over data, platforms en de ontwikkeling van technologie te behouden om de culturele autonomie te waarborgen. De vraag is hoe Europa dit concreet kan realiseren en welke stappen er gezet moeten worden om een eigen, veerkrachtige digitale infrastructuur op te bouwen.
Hoewel de consensus over het 'waarom' duidelijk is, blijven de specifieke 'hoe'-vragen open. Welke beleidsmaatregelen zijn nodig? Hoe kunnen Europese tech-bedrijven gestimuleerd worden om te concurreren met de gevestigde Amerikaanse spelers? En hoe kan de cultuursector zelf bijdragen aan deze transitie? Deze vragen vereisen verdere uitwerking en concrete actieplannen.




