Politieagent vrijgesproken van computervredebreuk wegens onbewezen wederrechtelijkheid
Het Gerechtshof Den Haag sprak op 9 september 2026 een politieagent vrij van computervredebreuk, omdat de wederrechtelijkheid van zijn bevragingen in het politiesysteem niet kon worden bewezen.
De agent stond terecht voor het onbevoegd bevragen van politiesystemen. Het hof kon echter niet vaststellen dat deze acties wederrechtelijk waren, wat een essentieel onderdeel is van de aanklacht op basis van artikel 138 van het Wetboek van Strafrecht. Zonder bewijs van opzet tot onrechtmatig handelen, kon de tenlastelegging niet worden bewezen.
De precieze details van de bevragingen, zoals de datum, tijd en specifieke inhoud, zijn niet bekendgemaakt. Ook de identiteit van de agent blijft onbekend.
Er is een melding van een afgewezen zaak bij de Rechtbank Den Haag met een vergelijkbaar ECLI-nummer (ECLI:NL:RBDHA:2026:26199). Het is echter onbevestigd of deze zaak verband houdt met de vrijgesproken agent.





